Er is vandaag veel (ongezonde) belangstelling voor het thema ‘bevrijding van boze geesten’. Er worden ‘bevrijdingsessies’ gehouden om de demonen weg te sturen en de persoon ‘vrij’ te zetten. Ik heb hier een paar jaar onderzoek naar gedaan en ben tot de conclusie gekomen dat er veel niet klopt. In mijn artikel ‘bevrijdingsbediening: een zegen?’ gaat het specifiek hierover. Dit artikel is een uitgebreide studie over de geestelijke strijd. Laten wij wel oppassen niet teveel bezig te zijn met de boze. Het gaat om Jezus Christus in het geloof. Dit artikel is bedoeld om te weten wie onze vijanden zijn, niet om ons bezig te gaan houden met de onzichtbare wereld.
Het is een zeer complexe materie. De mens is erg geïnteresseerd in het bovennatuurlijke, dat blijkt wel uit het feit dat dit artikel het op één na meest gelezen is op deze site. Hieronder vindt u mijn visie op het thema ‘bevrijding’ als het gaat om het leven van christenen.
De realiteit van de geestelijke wereld, engelen en demonen
De Bijbel vertelt ons veel over de onzichtbare wereld. Onze zichtbare wereld wordt omringt door geestelijke wezens. Veel mensen, zelf christenen, geloven dat helaas niet meer. ‘Dat is iets uit de Middeleeuwen’, zeggen ze. Men is vandaag ver afgedwaald van het besef van geesten, engelen etc. omdat we vandaag de ratio aanbidden, het verstand en de wetenschap. Als iets niet wetenschappelijk kan worden bewezen, dan is het er ook niet. De Bijbel vertelt echter een heel ander verhaal. God is een geest, zegt de Here Jezus in Johannes 4:24, maar ook de engelen en demonen zijn geestelijke wezens (zie onder: demonen). Het is erg belangrijk om te zien dat de Schrift ons veel vertelt over deze wezens, maar ons ook heel veel niet vertelt. Eigenlijk vertelt de Bijbel ons alleen dat wat we echt moeten weten en meer ook niet. Ook geeft de Bijbel ons geen systematische leer over de wereld van de geesten, engelen etc., maar vermeldt ze ons stukjes en beetjes. Daarom is het raadzaam om ervan uit te gaan dat we lang niet alles weten, maar slechts een beetje. We kunnen namelijk ook doorschieten in het tegenovergestelde gevaar: overal demonen en boze geesten zien of er teveel mee bezig te zijn. Niet ieder probleem van een mens is te relateren aan een boze macht buiten hem. Sterker nog, de meeste problemen ontstaan doordat we zelf verkeerde keuzes hebben gemaakt. Christenen moeten een gezond inzicht hebben in de wereld van de boze geesten, niet te ver doorslaan in het ontkennen ervan, maar ook niet doorslaan in het overschatten ervan.
Het is belangrijk onze vijand en zijn strategieën te kennen. Het is jammer dat zoveel gelovigen er niet graag over spreken omdat het ‘eng’ is en ver van hun bed. Paulus zegt echter over de satan in 2Kor2:11 Want zijn gedachten zijn ons niet onbekend. Laten we dus eerst eens kijken naar wat de Bijbel leert over deze figuur, de duivel.
De Satan
De tegenstander van God wordt de ‘satan’ genoemd. Andere namen zijn: Duivel, Beëlzebul (de overste der boze geesten), Morgenster (‘Lucifer’ in King James vertaling, Jes14:12), Zoon des dageraads (ben-sjaachar), overweldiger der volken, (de oude) Slang, Draak.
Uit Op12:7 (‘de draak en zijn engelen’) kunnen we opmaken dat Satan een leger engelen tot zijn beschikking heeft. De Here Jezus noemt hem in Mt12:24 ‘de overste van de boze geesten’, Paulus noemt hem de ‘overste van de macht van de lucht’ in Ef2:2. In 2Ko4:4 noemt hij hem de ‘god van deze eeuw”. Jezus zegt in Mat12:26 dat satan een koninkrijk heeft. Om deze reden is hij in staat om de hele wereld te verleiden (Op12:9), maar meer nog, om de gelovigen aan te vallen. Hoe is deze kwade macht ontstaan?
Over de val van de Satan lezen we in Jes14 en Ez28. We moeten hierbij bedenken dat God steeds een koning aanspreekt (resp. de koning van Babel en van Tyrus), maar omdat koningen vaak incorporaties, of vertegenwoordigers zijn van hun onzichtbare machthebbers (vergelijk de ‘vorst van de Perzen’ uit Dan10:13) spreekt God uiteindelijk tot die geestelijke machthebber, de satan, achter die koningen. Hij wilde zich ‘aan de Allerhoogste gelijkstellen’ en zorgde zo voor zijn eigen val. Hij was ‘een beschuttende cherub met uitgespreide vleugels’, een engel van de allerhoogste orde. Hij werd neergeworpen op de aarde (Ez28:17, Op12:9) en vanaf dat moment is de aarde zijn terrein. Satan is dus een goede engel geweest, maar vanwege de zonde die in hem werd gevonden, is hij de tegenstander van God geworden. Nadat Christus is opgestaan, werd hij de ‘god van deze eeuw (2Ko4:4)’ of beter vertaald: ‘van deze bedeling’ of ‘tijdsperiode’.
Demonen
In Ef6:12 somt Paulus onze tegenstanders op: ‘Wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten’. Alhoewel er vele geestelijke machten zijn, van engelvorsten tot ‘lagere’ demonen, lijkt het erop dat Paulus ze allemaal vat onder de noemer ‘boze geesten’. Deze worden ook wel ‘demonen’ genoemd. De Heer Jezus noemt de demonen ook ‘geesten’ in Lk10:20. In het evangelie van Markus (9:25) wordt de demon uit Mat17:18 een ‘onreine geest’ genoemd. Het is dus duidelijk dat boze geesten en demonen dezelfde benamingen zijn voor deze geestelijke wezens. Zie ook bijv. de passage in Op16:13,14:
En ik zag uit de mond van de draak en uit de mond van het beest en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten (komen) als kikkers; want het zijn geesten van demonen die tekenen doen (en) uitgaan naar de koningen van het hele aardrijk…
We weten niet erg veel over deze ‘onreine geesten’ (ook in Mar1:23) of ‘boze geesten’ (Mat12:28), zoals ze dus ook vaak worden genoemd. Het woord ‘demon’ komt van het Griekse daimoon of van daimonion (onzijdige vorm van daimonios: demonisch, duivels). Zijn het gevallen engelen? Zijn het de geesten van overleden wezens van een pre-Adamitische aarde? Zijn het de nazaten van de vermenging van engelen en mensen uit Gen6? Ik denk zelf het eerste: gevallen engelen dus, alhoewel ik niet kan verklaren waarom ze zo gebonden zijn aan de aarde (Mt12:43) of waarom ze zo graag ‘wonen’ in mensen of dieren (Luc8:32). Dat zou je niet verwachten van engelen, die toch ook eigen, hetzij geestelijke, lichamen hebben (1Kor15:40).
In Hb1:14 wordt ook van engelen gezegd dat zij ‘dienende geesten’ zijn. Zowel goede als slechte engelen worden in de Bijbel dus ‘geesten’ genoemd als behorend bij de onzichtbare, geestelijke wereld. De Bijbel geeft ons niet veel informatie over de oorsprong van demonen, wel over hun eigenschappen. De volgende (niet compleet) zijn ons geopenbaard (bijvoorbeeld door Luc11:14-28):
*Ze leven zowel in mensen als in de wereld.
*Ze zijn in staat zich naar willekeur te verplaatsen.
*Ze zijn in staat te communiceren. Zowel naar elkaar als tot mensen, via mensen.
*Ze hebben een eigen identiteit. Jezus vraagt hen naar hun naam (Luc8:30).
*Ze kunnen onthouden en plannen maken. ‘Ik zal’ (Luc11:24).
*Ze beoordelen en nemen beslissingen.
*Ze kunnen krachten bundelen.
*De ene is kennelijk slechter dan de andere (Luc11:26), maar allemaal zijn ze door en door verdorven.
*Ze kunnen ziekten veroorzaken (Mat12:22 blindheid, Mk9:32, 33 doofstom), zelfmoordneigingen (Mk9:22), verwondende gewoonten (Mk9:18) en misvormingen (Lk13:11-17).
*Ze kunnen zelfs ‘tekenen’ en wonderen doen (2Tes2:9, Op13:14, 16:14). Deze tekenen en wonderen (let op hetzelfde rijtje in Hd2:22 waar ze werden genoemd om de komst van Jezus bij te staan) zijn nu al in de wereld om de komst voor te bereiden van de antichrist (zie het artikel op deze site).
Satans tactiek is gericht op:
*Ongelovigen. Hij verblindt ze zodat ze ‘het schijnsel niet ontwaren van het evangelie der heerlijkheid van Christus’ (2 Kor4:4). Zo gaan mensen verloren.
*Gelovigen. Ze worden door misleiding en leugen verhinderd de heerlijkheid van Christus te zien en te vertonen. Bovendien zijn ze verenigd met Christus en zo een toonbeeld van de overwinning op satan en zijn machten. De tactieken die satan op de gelovigen loslaat houden in dat hij komt met een Christus die lijkt op die van de Schriften, maar het niet is. Dit doet hij door middel van mensen die vreemde of afwijkende leringen brengen. Hij verdraait zo het Woord van God een klein beetje, maar net genoeg om gelovigen weg te lokken van hun focus op Christus. Zo beschrijft Paulus het in 2Ko11:1-4. Satan ‘zaait’ leugen door mensen te richten op een andere Jezus dan die van de Bijbel. Hij heeft het dan over de gedachten die worden weggelokt van de eenvoudige toewijding aan Christus.
De algemene leugens
De satan is de ‘vader der leugen’(Joh8:44). Het zijn meer de algemene leugens waarmee hij de hele wereld verleidt. De wereld is al in zijn macht vanwege de geest die werkzaam is in het denken van de mensen (Ef2:1). Satan de uitvinder van het ‘systeem’ van de wereld waarin we leven. Aan de ene kant is daar de liederlijkheid van het heidendom en aan de andere kant de vroomheid van de menselijke religie. De Bijbel noemt dit de ‘wereldgeesten’ in Ko2 en Gl4. Als we zien hoe Eva werd verleid in Gn3, dan zien we dat satan haar verleid door het Woord van God iets te verdraaien.
In hoeverre heeft satan nu invloed op de gelovige? Kan een gelovige ernstig gebonden raken door toedoen van demonen? Daar zijn de menigen nogal over verdeeld. Ik dacht eerst van wel, maar nu ben ik overtuigd van het tegendeel. Zie het eerder genoemde artikel over bevrijdingsbediening.
De strijd
Paulus roept de gelovigen op om ‘te kunnen standhouden tegen de verleidingen van de duivel’(Ef6:11). Dit betekent dat de strijd een defensieve strijd is, we moeten standhouden. In het kader van de brief aan de Efeziërs betekent dit dat we onze positie als hemelse mensen op aarde moeten vasthouden en het gedrag daardoor bepaald, door niet te luisteren naar andere leringen van mensen die tegen de gezonde leer ingaan. Het betekent ook dat we moeten blijven vasthouden aan Christus en ons door niets anders laten leiden dan door het Woord van God. De duivel weet dat de gelovige die handelt overeenkomstig zijn positie in Christus het meest zijn plannen dwarsboomt. Hij heeft er dus alle baat bij een gelovige hiervan af te brengen. ‘Verleidingen’, van het Griekse woord ‘methodeia’ (ook Ef4:4) duidt op geraffineerde en slinkse trucs van de satan om de gelovige ertoe te brengen bezig te zijn met wat hij/zij in zichzelf is in plaats van in Christus. Zie Ef4:14:
Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel van mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt.
Hier zien we duidelijk dat mensen de instrumenten zijn, zodat Paulus moet zeggen in Ef6:12 dat de strijd ten diepste niet tegen dit soort mensen is (‘niet tegen vlees en bloed’). Een gelovige is onaantastbaar in zijn positie in Christus, maar zodra hij luistert naar een ‘ander evangelie (Gl1:6)’ wordt hij misleidt. De overwinning over satan en de wereld is door het geloof (1Jh5:4). Dit houdt in dat men, verlicht door de Heilige Geest, vasthoudt aan het geschreven Woord van God, hoe men zich ook voelt of wat men ook waarneemt.
Wat kan de invloed van demonen zijn op gelovigen?
Onder christenen is er zoals gezegd nog al eens verdeeldheid over de vraag in hoeverre een gelovige door boze machten kan worden gekweld. Dit is niet mogelijk. Een gelovige kan de deur openzetten voor de duivel/ Dit is dan de zonde waarin iemand leeft omdat dit de duivel in de kaart speelt. Hij is gevangen in de ‘strik van de duivel’ (2Tm2:22-24). Wat ik niet geloof, is dat een gelovige bevrijd moet worden d.m.v. gebed van allerlei demonische banden, maar dat hij zich moet bekeren. Wij zijn verlost uit de macht van de duisternis, zegt Paulus in Ko1:13. Dit is iets wat vandaag niet overal meer gezien wordt, maar een gelovige die werkelijk Christus toebehoort, is bevrijd van satans invloed. Er hoeft geen uitgebreid bevrijdingsritueel uitgevoerd te worden. Men is dan bezig buiten de verantwoordelijkheid van de mens om te werken en legt alle verantwoordelijkheid bij de bedienaar.
Hoe demonen mensen kunnen kwellen
Demonen kunnen enorme invloed op mensen uitoefenen. Al in de middeleeuwen maakte men gebruik van drie Latijnse uitdrukkingen die het woord ‘sessio’ bevatten. Dit woord is afgeleid van het werkwoord ‘sedere’, ‘zetten’, ‘zitten’. De drie uitdrukkingen:
*Circumsessio (circum=’rondom’): insluiting; de machten bevinden zich rond de persoon en benauwen hem; de ‘stad’ is omsingeld, maar is zelf nog vrij van de vijandige machten. (vgl. 2Kor12:7 waarin Paulus door een ‘engel van satan’ wordt gekweld)
*Obsessio: dwang, gebondenheid; de machten zijn de ‘stad’ binnengedrongen, hebben bepaalde gedeelten in bezit genomen, maar het hart van de ‘stad’ is nog vrij.
*Posessio: bezetenheid; de machten hebben de hele ‘stad’ én het hart van de ‘stad’
De Bijbel maakt het onomstotelijk duidelijk dat een mens een nieuwe schepping is zodra deze Jezus Christus aanneemt als Heer en Heiland (Joh1:12, 2Kor5:17, Ef2:6). Hij is overgegaan vanuit de dood in het leven (Ef2:1vv) en is één met Christus (Kol3:3). Dat betekent dat niveau 3, zoals hierboven beschreven, niet op hem van toepassing kan zijn. Het ‘hart van de stad’ is bezet door de Heilige Geest.
Bijbelse voorbeelden van gebondenheden
Lukas 13:10-18. Dit voorval is van voor het kruis en dat maakt het lastig. Een vrouw die ‘een geest van ziekte’ (of: zwakheid vs11) had. De Heer noemt haar een ‘dochter van Abraham’ wat misschien wijst op het feit dat ze een gelovige is. We moeten er nogmaals wel rekening mee houden dat dit een mens betrof voor de opstanding van Jezus. De vraag is of een wedergeboren mens die de Heilige Geest heeft ontvangen dit kan overkomen. De Heer noemt verder expliciet de ziekte een gebondenheid van satan (vs16). Het lastige is dat het taalgebruik van Jezus duidt op demonische gebondenheid, maar dat dit soort taalgebruik ook kan worden gezien als een manier van spreken zonder de kern van de zaak letterlijk te bedoelen. Al met al dus een lastig voorbeeld om definitieve conclusies aan te verbinden.
Handelingen 5:1-11. De geschiedenis van Ananias en Saffira. Petrus zegt tegen Ananias: Ananias, waarom heeft de satan uw hart vervuld om de Heilige Geest te bedriegen…Er wordt vaak beweerd dat deze ‘dus’ geen gelovige kon zijn, maar het feit dat er grote vrees kwam over de gehele gemeente, nadat Ananias en zijn vrouw de dood stierven als oordeel (vs11), laat zien dat dit niet zo kon zijn. Bovendien durfde niemand zich zomaar bij de gemeente te voegen (vs13). Wat dit vervullen van het hart door satan concreet inhield is nog niet zo makkelijk. Als een mens liegt, doet hij als satan, die de vader van de leugen is. Dit voorbeeld maakt dan ook niet duidelijk dat er een boze macht IN Ananias was, maar dat hij zich had laten inspireren door de duivel in het algemeen, zoals iedereen dat doet die bewust zondigt. Of het mogelijk is dat een ware gelovige die ernstig zondigt door God wordt overgegeven aan demomen, is moeilijk te zeggen trouwens. Ik denk dat God alle middelen kan gebruiken om Zijn kinderen weer terug te halen.
2 Korintiërs11:1-4. Dit is een erg duidelijke plaats waar Paulus spreekt over de misleiding van de duivel. Hij zegt dan in vers 4 Want indien de eerst de beste een andere Jezus predikt, die wij niet hebben gepredikt of gij een andere geest ontvangt, die gij niet hebt ontvangen…Het was dus mogelijk een andere geest te ontvangen! De moeilijkheid is weer wat Paulus nu precies bedoelt. Het lijkt mij dat de Korintiërs hun oren naar een ander evangelie hadden laten hangen en dus werden afgetrokken van de focus op Christus.
Efeziërs 4:26,27. Dit is een hele belangrijke Schriftplaats in dit verband. Paulus schrijft: Geraakt gij in toorn, zondigt dan niet: de zon mag niet over een opwelling van uw toorn ondergaan; en geeft de duivel geen voet. Dit woordje ‘voet’ wordt in de Telos vertaling vertaald met ‘plaats’. Op het moment dat er wrok, bitterheid ontstaat in de gemeente, geeft men de duivel een rechtmatige plaats! Dit geldt ook in het persoonlijke leven. Dit betekent niet dat er gelijk demonische gebondenheid is trouwens. Het gaat hier weer om het een plaats geven aan de tegenstander door niet te blijven bij wat de Geest van God wil.
Jakobus 3:14-16. In dit gedeelte geeft Jakobus aan, dat wanneer er jaloezie en zelfzucht gevonden wordt in de harten van gelovigen, de oorsprong ervan ‘demonisch’ (vs15) is. Zie wat ik hierboven over dit soort uitdrukkingen heb gezegd.
1 Timoteüs 4:1-3. Paulus schrijft hier dat: Sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen. Mijns inziens moeten we hier niet te snel denken aan ongelovigen binnen de kerkmuren, maar aan mensen die afvallen van het geloof, d.w.z. afvallen van een vruchtbaar leven met God. Het volgen van leringen van boze geesten wil nog niet zeggen dat je er ook door bezet raakt. Je bent indirect gebonden doordat je leringen van mensen (die zijn geïnspireerd door boze machten) gelooft en zo af wordt getrokken van de Christus van de Bijbel.
Ik wil dus wel toevoegen dat bovenstaande teksten niet per definitie spreken over demonische beïnvloeding in de zin van dat er demonen in de gelovigen huizen. De Bijbel ziet het zo dat zodra een mens in zonde leeft, hij de duivel een plek in zijn leven geeft. Dit betekent niet gelijk dat zo iemand bezeten is of gebonden. Een christen is per definitie niet meer onder de macht van de duisternis volgens Ko1:13. Een mens kan dat uiteindelijk wel worden als hij de deur voor de duivel openzet. Zo zien we bij verslaafden dat er vaak sprake is van een geestelijke component. De persoon moet bevrijd worden van de band vanuit de geestelijke wereld (als er nog geen bekering is geweest van bepaalde zonden) door zelf bewust een keuze maken om te stoppen.
Hoe kunnen demonen invloed hebben op een gelovige?
Alleen via listen, de leugen. De leugens van de tegenstander betreffen de denkwereld van de gelovige, terwijl de zonde de daden betreffen van de gelovige (of van een ander ten opzichte van die gelovige, maar daarover later). Denken volgt op gedrag, dus roept de Bijbel ons op ons denken te vernieuwen (Rm12:2) door eerst ons lichaam te stellen tot een levend offer aan God. Dat is bekering, waarna wij geestelijk gaan groeien en zo ons denken vernieuwen.
De leugen
Een gelovige is vrij in Christus. Maar hij zal deze vrijheid niet ervaren als de satan hem/haar kan laten geloven dat hij/zij niet vrij is. De gelovige moet leren de leugen af te leggen en de waarheid ervoor in de plaats te zetten.
*Gij zult de waarheid verstaan, en de waarheid zal u vrijmaken (Jh8:32).
*Ik bidt niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de boze…Heilig hen in de waarheid; uw woord is de waarheid (Jh17:15,17).
*Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de waarheid (Ef6:14).
*Voorts, broeders, al wat waar is…bedenkt dat (Fil4:8)
De leugens van satan hebben meestal betrekking op het zelfbeeld van de gelovige; ik ben niets waard, ik kan geen christen worden etc. Om satan te weerstaan, moet elke gelovige begrijpen wie hij/zij in Christus is en gebruik maken van deze autoriteit. We zijn verlost uit de macht van de boze (Ko1:13)! Het is van levensbelang ons te vullen met de waarheid van het Woord van God!
De poort van de zonde
Het is wordt vaak gezegd dat zonde vaak een ‘rechtmatige’ uitnodiging is voor boze geesten om in iemands leven te komen. De vraag is of het Nieuwe Testament dit ook zo leert. Dan is mijn conclusie: nee. Zonde komt vort uit het boze hart van de mens. Hij gaat daarin lijken op satan, maar men geeft geen ‘recht’ aan demonen om binnen te komen. Zoiets leert het Nieuwe Testament niet. Wel leren we stand te houden, te weerstaan, ‘standvastig in het geloof’ (1Pt5:9).
Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de waarheid, bekleed met het pantser der gerechtigheid, de voeten geschoeide met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes, neemt bij dit alles het schild des geloofs ter hand, waarmede gij al de brandende pijlen van de boze zult kunnen doven; en neemt de helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het woord van God. En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest…Efeziërs 6:14-18
Onderwerpt u dan aan God. Weerstaat echter de duivel en hij zal van u vlieden. JK4:7, zie ook 1PT5:8vv (weerstaat) en Ef6:12vv (weerstand).